Dirigent Peter Gaasterland
Peter Gaasterland (1957) werd geboren in een muzikaal gezin: in vrijwel ieder tak van de familie bespeelde wel iemand een instrument. Zo begon zijn opa op hoge leeftijd nog met de cello, zong zijn moeder beslist niet onverdienstelijk en improviseerde zijn vader – overigens volkomen autodidact – dat het een lieve lust was op de piano en het orgel. Als nakomer in het gezin hoorde Peter dagelijks zijn 15 jaar oudere broer piano en fagot studeren. Nog steeds gelooft hij dat deze ‘inprenting’ hem mede gevormd heeft tot wie en wat hij nu is.
Na de algemene muziekvorming op de volksmuziekschool met, hoe kan het ook anders, de blokfluit, kocht Peter van zijn eigen spaarcentjes een tweedehands drumstel. Na enig oefenwerk in het souterrain van zijn ouderlijke woning met de in allerijl geformeerde band “Sudden Life” kwamen daar de optredens. Totdat Peter op 12-jarige leeftijd de fagot van zijn oudere broer in handen kreeg. Al spoedig bleek zijn meer dan bovengemiddeld talent voor dit instrument. Na slechts 2 jaar speelde hij al in het Nationaal Jeugd Orkest en in het Haarlems Jeugd Orkest mee. Hier ontdekte hij de schoonheid van het symfonieorkest en de bijzondere rol van zijn instrument in dat geheel.
Zo gebeurde het dat Peter na zijn middelbare school hoofdvak fagot aan het Sweelinck Conservatorium in Amsterdam ging studeren bij Brian Pollard en John Mostard. In mei 1980 studeerde hij af voor het diploma Uitvoerend Musicus met aantekening kamermuziek. Ook volgde hij een masterclass bij de beroemde fagottist Milan Turkovic en, in 1976, een internationale kamermuziekcursus in Zweden.
Al tijdens zijn studie remplaceerde hij, op 17-jarige leeftijd, bij het (Koninklijk) Concertgebouw Orkest en het Rotterdams Philharmonisch Orkest, waarna vaste aanstellingen volgden bij het Utrechts Symfonie Orkest (1977) en achtereenvolgens als solo fagottist bij het Radio Symfonie Orkest (1978) en het Residentie Orkest (1991), tot aan zijn zelfgekozen prepensioen in 2017.
Bij het Residentie Orkest assisteerde hij lange tijd zijn chefdirigent Neem Järvi, en dirigeerde educatieve projecten en amateurdagen voor orkestmusici. Tevens dirigeerde hij diverse grotere ensembles uit het Residentie Orkest op bijv. Noordereind Festival, Festival Classique, Festival “de Parade”. Als repetitor was hij in deze periode eveneens werkzaam bij het Gelders Orkest, het Nationaal Jeugd Orkest, Krashna Musica Delft en Musica Den Haag.
Naast zijn werkzaamheden als solo fagottist, de talloze kamermuziekoptredens in binnen- en buitenland, cd-opnames, solistische optredens en masterclasses, doceerde hij bijna 30 jaar het hoofdvak fagot aan ArtEZ hogeschool voor de Kunsten in Zwolle.
Hoewel het dirigeren en het bestuderen van partituren altijd al zijn interesse had, duurde het tot september 2001 voordat hij met de studie orkestdirectie begon. Directe aanleiding was een ongeval waarbij hij ernstig letstel op liep. Na lange revalidatie kon hij zijn werkzaamheden als fagottist en docent weliswaar weer hervatten, maar de gedachte aan orkestdirectie hem niet los. In 2006 studeerde hij op het Rotterdams Conservatorium bij de bekende dirigent en pedagoog Jan Stulen af. Hij werd – net zoals tijdens zijn studie fagot vele jaren eerder – nog voor het behalen van zijn diploma benoemd als dirigent en artistiek leider van het Delfts Symfonie Orkest alsmede, in een later stadium, van het door hem opgerichte Delfts Kamer Orkest – een functie die hij van 2004-2022 bekleedde en altijd wist te combineren met zijn andere werkzaamheden.
Vanaf 2012-2017 doceerde Peter slagtechniek orkestdirectie aan ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en dirigeerde hij diverse orkestprojecten w.o. “de Staat” van Louis Andriessen en voorstellingen met poppentheater Gnaffel in de Peer Gynt Suite(s) van Edvard Grieg.
In 2017 verhuisde Peter naar het mooie Norg in Drenthe. Ook hier zette hij zijn muzikale kennis en activiteiten voort. Sinds november 2023 is hij als dirigent verbonden aan het Noord-Drents Kamerorkest Divertimento in Assen. En vanaf maart 2026, mag hij zich, na eerdere invalbeurten bij het Drents Symfonie Orkest – waarbij het wederzijds opvallend goed klikte – de dirigent van dit mooie orkest noemen. Samen met deze beide orkesten hoopt hij een mooie en vooral plezierige bijdrage te leveren aan de (amateur-)muziekbeoefening in Noord Nederland en Drenthe in het bijzonder.